Artikel: Euthanasie bij psychisch lijden

Jeannette Croonen (62) en Agnes Johannesma (76) van de Stichting Euthanasie in de Psychiatrie geven volgende week de workshop Euthanasie bij jongeren, hoe is dat voor de naasten? Op ons verzoek reageren ze op vier stellingen over een zelfverkozen dood bij psychisch lijden.

1. Als ouder kun je alleen helpen door psychische hulp te blijven zoeken.
,,Dat denk ik niet’’, zegt Jeannette Croonen. ,,Bij Monique hielp niets.’’ Haar dochter loopt een inwendige bloedvergiftiging op als ze 2 jaar is. Volgens artsen raakt er iets beschadigd in haar hersenen. ,,We zagen dat er iets niet klopte, maar we konden er de vinger niet op leggen. Op school vond ze geen aansluiting en thuis had ze driftaanvallen.’’ Op haar 6de komt ze terecht bij een psychiater. Die concludeert ernstige persoonlijkheidsstoornissen. Als kind, tiener en puber volgen er gesprekken, opnames en later pillen.

Beter wordt het niet. Steeds vaker heeft ze verwarde periodes, waarin ze niet weet wat ze doet. Regelmatig zegt ze niet meer te willen leven. Na weer een mislukte zelfmoordpoging op haar 26ste, vraagt Monique aan de behandelend psychiater om euthanasie. Haar ouders begrijpen dat. ,,Het is egoïstisch om dan te zeggen: je moet voor mij blijven leven. Zelf had ze geen leven. ‘Houden van’ was voor mij loslaten, hoe zwaar dat ook was.’’

De psychiater in kwestie ziet het niet zitten. ,,Kort daarna heeft ze er een einde aan gemaakt. Op de gesloten afdeling heeft ze zichzelf met een plastic zak laten stikken. Dat moet zo eenzaam zijn geweest. Daarom wil ik dat er aandacht komt voor euthanasie bij psychisch lijden. Ik denk dat we Monique veel liefdevoller hadden kunnen laten gaan.’’

2. Het is onmogelijk om te bepalen wanneer psychisch lijden uitzichtloos is.

Een voorwaarde voor euthanasie bij psychiatrische patiënten is dat het lijden uitzichtloos moet zijn. Agnes Johannesma beseft dat dit moeilijk is vast te stellen. ,,In het geval van mijn zoon René en ook van Monique hadden verschillende artsen gezegd dat ze niets meer voor hen konden doen. Bij beiden ging het steeds slechter. Dan kun je volgens mij stellen dat het uitzichtloos is.’’

Ze gelooft dat het belangrijk is om de doodswens van je kind serieus te nemen. Zij reageerde zelf ‘ontzettend stom’ toen zoon René – destijds 32 jaar – vertelde dat hij niet meer wilde leven. Hij worstelde toen al jaren met ernstige depressies en hoofdpijnen. ,,Ik wilde hem een schop onder zijn kont geven en benadrukte de positieve dingen. Hij voetbalde toch? Hij had toch vrienden? Met die reactie ontkende ik zijn probleem.’’

René vraagt in die periode om euthanasie bij de huisarts, maar die weigert. Als hij zijn wens blijft herhalen, ziet Johannesma de ernst van de situatie. ,,Na een jarenlang proces durfden mijn man en ik toe te geven: het is een opluchting voor hem als het voorbij is. We zijn heel dankbaar dat hij met ons bleef praten. Door naar hem te luisteren konden we vrede hebben met zijn overlijden. Samen met hem hebben we gezocht naar een arts die wel tot euthanasie wilde overgaan.’’

3. Door over euthanasie te praten, zullen jongeren er sneller voor kiezen.

Onzin, vindt Jeannette Croonen. ,,We krijgen bij onze stichting veel berichten van jongeren. Zij voelen zich vaak niet serieus genomen als ze over euthanasie beginnen. Het onderwerp wordt door professionals regelmatig van tafel geveegd.’’ Terwijl ze van deze jongeren horen dat het juist een opluchting is als ze er wel over kunnen praten. Agnes: ,,Dat betekent niet meteen dat ze het doen. Soms is verdere hulp nog mogelijk. Zo’n keuze wordt ook niet zomaar gemaakt. Voor artsen moet duidelijk zijn dat het niet meer beter wordt. Dat is vaak een proces van jaren.’’

4. Iedereen met psychische problemen kan beter worden.
,,Was dat maar waar’’, zegt Croonen. ,,Dan waren onze kinderen niet overleden. Monique zei vaak: ‘Mama, ik word gek van de pijn en de drukte in mijn hoofd. Het liefst zou ik mijn hoofd tegen de muur kapot willen slaan’. Niet meer leven was haar oplossing.’’

Ook in Renés geval was er geen genezing meer mogelijk, gelooft zijn moeder, hoeveel pillen en hulp hij ook kreeg. ,,De leuke momenten werden steeds minder. Op een gegeven moment liet hij zichzelf vrijwillig opsluiten in de isoleercel van een kliniek, bang dat hij in verwarde toestand anderen iets zou aandoen. Dat heeft het traject in gang gezet. Tien maanden later is hij op 42-jarige leeftijd overleden.’’

Op het bekertje met zijn dodelijke drankje stond: Geen pijn meer. ,,Met het gezin zijn we bij die laatste momenten geweest. We hebben hem in alle liefde laten gaan.’’