Blog: kinderfeestjes

KINDERFEESTJES

IMG_2095

‘Uitnodigingen voor kinderfeestjes mogen bij ons niet meer in de klas worden uitgedeeld’, vertelt een vriendin, moeder van een kleuterzoon. Het zou volgens de schoolleiding toe leiden dat kinderen die niet uitgenodigd worden, zich buitengesloten voelen. ‘Wat vind jij daar nou van?’, vraagt ze, alsof ik één of andere goeroe op het gebied van opvoeden ben.

Ik heb een minimum aan opvoedkundige kennis, maar geniet er van om ongefundeerde meningen te verkondigen. ‘Het is natuurlijk belachelijk,’ begin ik. ‘Het hele idee van een kinderfeestje is dat niet iedereen uit de klas uitgenodigd wordt. En natuurlijk is het treurig voor Chianti of Storm als ze nooit worden uitgenodigd, maar hun verdriet zal niet minder zijn als het uitdeelmoment elders is. Kleuters gaan echt niet de rest van de dag voor zichzelf houden wie wel en niet is uitgenodigd. Sterker nog, in de meeste gevallen schreeuwen ze het van de daken. Niet uit wreedheid, maar simpelweg omdat ze nog niet zo bezig zijn met de gevoelens van een ander. Knappe juf of meester die dat helemaal weet te voorkomen.’ De vriendin in kwestie knikt.

Samen concluderen we bovendien dat teleurstellingen nu eenmaal bij het leven horen. Dat je daar groot en sterk van wordt. En dat kinderen met alleen maar prettige ervaringen wel eens heel hard kunnen schrikken als ze later in de realiteit terecht komen. Voor de meeste ouders zal dat idee geen groot nieuws zijn. Maar net als in de Disney-film Inside Out wil bijna iedereen dat zijn of haar bloedje alleen maar positieve ervaringen heeft. En, hoe verschrikkelijk ook, zelf ben ik geen haar beter.

Want zou het niet heerlijk zijn als die meiden van ons gewoon zorgeloos door het leven blijven trippelen? Natuurlijk en daarom is het spannend op de dag dat in de klas allemaal meisjes met een roze envelopje rondlopen. Eén van hen is jarig en deelt haar kaartjes uit. Zo te zien zijn alle meiden van groep 2 uitgenodigd. Ik zie mijn M. kijken. Liggen daar nou nog kaartjes of wordt ze niet uitgenodigd? Terwijl de dolenthousiaste jarige door het klaslokaal stuitert, loopt ze minstens tien keer langs

M. kijkt steeds even op, maar ziet dat er niets komt. Uiteindelijk zucht ze en pakt een puzzel. De bel gaat. Op de gang zie ik dat alle kinderen inmiddels aan hun tafeltjes zitten. Moedig is M. aan het puzzelen, al druipt de teleurstelling van haar gezicht. Net voor ik weg wil lopen staat de jarige op. Alsnog schuift ze een uitnodiging onder de neus van M. Een glimlach breekt door. En ik weet: teleurstellingen mogen dan bij het leven horen, het blijft fijn als ze voorkomen worden.

Zeer Kort Verhaal: Pijn

zweep‘Is het je eerste keer?’, vroeg hij. Zijn blik was ernstig. Boven zijn mond rolden een paar piepkleine zweetdruppeltjes. Ik knikte. Vandaag zou ik me overgeven. Dat prachtige golvende donkere haar, het baardje van twee dagen en de zachte blauwe ogen; alles aan hem voelde vertrouwd. Het kan een beetje pijn doen, zei hij. Heel even was zijn blik vol medelijden, maar in zijn ogen flakkerde iets. Weer knikte ik. Hij aarzelde niet meer en stootte naar binnen. Het was alsof een splinternieuw aardappelschilmesje zich in mijn lichaam boorde. Mijn lijf schokte en verkrampte, maar hij had er geen aandacht meer voor. Hij ging door, terwijl de piepkleine zweetdruppeltjes boven zijn mond zich razendsnel vermeerderden. Hij ging erin en eruit. Erin. Eruit. Het was alsof het uren duurde. Eindelijk was hij klaar. Vanuit zijn tenen kwam een diepe zucht. Vaag zag ik een sardonische grijns verschijnen. De tranen sprongen in mijn ogen terwijl ik probeerde te staan. ‘Ga maar,’ zei hij en hij lachte. Ik liep naar de deur. Wreef over mijn kaak en kon alleen maar denken: ‘De volgende keer neem ik een verdoving.’

Zeer Kort verhaal: De paden op

Afbeelding_13

Ze ging aan tafel zitten en voelde hoe het zweet vanaf haar oksels naar beneden gutste. Een wat oudere dame met grijs, krullend haar keek haar vragend aan. ‘Laat haar alstublieft niets zeggen,’ bad Noortje in stilte. De vrouw draaide van haar weg en verdiepte zich weer in de Libelle. Zelf bleef ze roerloos zitten. Frunnikte wat aan haar groene baret en staarde voor zich uit. Een studentikoos type met een uilenbrilletje naderde. Even leek het alsof hij naast haar ging zitten, maar gelukkig schuifelde hij voorbij. De dame keek weer. ‘21,22,23,’ telde Noortje in gedachten. Toen ze bij 60 was, stond ze op. Snelwandelend ging ze naar de uitgang. Ze was weer onder de mensen geweest. Haar psycholoog zou trots op haar zijn.

Japanse vechttechnieken voor beginners

Launelinie by Wassily Kandinsky

De picknicktafel staat midden in de zon en dat is voor ons een prima reden om even te stoppen. Helaas kijken we uit op een stinkend tankstation van een slecht merk, maar dat mag de pret niet drukken. Baby M. is het reizen helemaal zat en heeft het laatste half uur enkel tranen geproduceerd. Met al haar babykracht probeert ze zich uit de maxi-cosi te wurmen, ogenschijnlijk verlangend naar een paar minuten kruipplezier. Wij – beide moe, vies en lodderig – zijn ook wel toe aan pauze.

Gewapend met een volle fles, een speen voor noodgevallen en een aantal krakende -want: leuk – papieren gaan we zitten aan de picknicktafel. Ruim tien seconden genieten we van de zon, maar dan krijgt baby M. de fles in het vizier en betrekt de lucht. Terwijl grote M. probeert de kleine in bedwang te houden, hannes ik met water en melkpoeder. Zachte motregen komt inmiddels uit de wolken, maar we besluiten het – enigszins chagrijnig – te negeren. De wurm is immers gelukzalig aan het drinken geslagen en dat ritueel willen we niet verstoren.

Vanaf een afstandje zie ik een man naar ons kijken. Hij lijkt van Noord-Afrikaanse afkomst. Zijn blik staat bozig en zodoende slaat de schrik me om het hart. Razendsnel trekken diverse scenario’s in mijn hoofd voorbij, waarbij dat van Spoorloos – vrouw wordt ontvoerd op tankstation en eindigt onder de grond (zo, hoef je die film ook niet meer te zien) – blijft hangen. Of zou hij uit zijn op ons geld? Ik tel vlug hoeveel geld we samen hebben.

In een flits zie ik in gedachten een verrassingsaanval van hem op mijn tas, die ik handig pareer met wat Japanse vechttechnieken. Helaas weet ik dat zelfs 10-jarige jongetjes van mij kunnen winnen en schuif het heldinnengevoel opzij. Ik kijk nog eens naar de man. Hij kijkt weer bozig terug. Hij heeft zich duidelijk een paar dagen niet geschoren – een junk? – en zijn kleren zijn smoezelig. Grote en kleine M. hebben niets door. De fles is inmiddels leeg en ik moedig grote M. aan om op te schieten. Mijn gedachten houd ik wijselijk voor me.

De man staat nog steeds op dezelfde afstand, maar drinkt nu een pakje appelsap leeg, kijkend naar de lucht. Ik hou hem met één oog in de gaten en dirigeer ondertussen het gezin richting auto. De man beweegt niet. Gerust ga ik in de auto zitten. ,,Hier,’‘ zegt grote M. ,,Kun jij die vieze luier nog even weggooien?’‘ Met een zucht doe ik de auto weer open en loop naar de vuilnisbak. Ik schrik als ik de Noord-Afrikaan zie naderen. Hij is als eerste bij de vuilnisbak en gooit het lege pakje appelsap erin. Dan kijkt hij me aan en houdt de bak voor me open. Hij glimlacht en nu zie ik dat zijn gezicht helemaal niet zo bozig is. ,,Wat een mooi gezinnetje heb jij zeg,’‘ zegt hij. ,,Geniet er maar flink van.’‘ Ik glimlach terug en schaam me. Heel heel diep.